
Bron: weheartit.com
Dit is het dan; de laatste dag met het rijk voor ons alleen. Het is vandaag vrijdag. Om vijf voor zes vanavond stappen mijn ouders op het vliegtuig in Toronto, Canada. Als alles volgens schema verloopt landen ze morgenochtend om zeven uur ‘s ochtends op Schiphol. Op het moment dat ze weer thuiskomen ben ik aan het werk, als ik thuis kom zitten ze als het goed is op de bank of is mijn moeder in bed gecrashed door de gevolgen van een jetlag.
Mijn ouders hebben zichzelf dan vier weken uit de handen van beren en elanden gehouden, Engels gepraat, onze very proud to have Dutch heritage Canadese familie bezocht en zitten vast vol met verhalen over de reis. Nog één dagje voor ze weer voet op Nederlandse bodem zetten. Ik ben blij om ze weer eens te zien, maar er knaagt een vreemd gevoel.
Het is thuis niet altijd even makkelijk, met twee ouders die het heerlijk vinden dat ze niet meer voor de kinderen hoeven te zorgen en een dochter die worstelt met haar chronische ziek-zijn. Er zijn hier vaak botsingen geweest. Dat doet wat met je, en het was vreemd om halverwege de maand te beseffen: Ik heb me hier nog nooit zo thuis gevoeld als nu. Het ging prima, echt waar, met geld en klusjes en verdelingen. “Het is zeker wel even wennen hè?” werd er veel aan mij gevraagd. Nou, eerder het tegenovergestelde. Vanaf de eerste dag dat mijn ouders weg waren en Q-man en ik samen op de bank ploften was het alsof we nooit apart gewoond hadden.
Het wordt nu pas wennen, om het gezag weer terug te moeten geven aan mijn ouders. Ik zie op tegen de spanningen. De komende drie weken ben ik zo’n 20 uur per week op mijn werk te vinden en ook Q-man gaat centjes verdienen; van hele dagen samen keutelen naar één dag per week voor elkaar.
Dat gaat nog wat worden, de eerste avond weer alleen naar bed en opstaan zonder prikkend kusje.
Vandaag mogen we het huis in orde brengen, alvast onze eigen was wassen voor hun berg erop komt te liggen, poetsen, stofzuigen, boodschappen doen, zorgen dat het huis erbij staat zoals ze het hebben achtergelaten. Ik ga vanavond werken en morgenochtend ook. En overal waar ik ga blijft het gevoel hangen. Het fijne gevoel om mijn ouders weer eens te zien en te spreken. En dan een steek, omdat aan alle prettige dingen een einde komt.
Waar is die Ijslandse aswolk wanneer je ‘m nodig hebt?




