Er is een periode in mijn leven geweest dat ik niet wist wat autisme was. Het klonk ernstig, en ik wist dat Quinten die diagnose had gekregen, maar ik had er geen beeld van wat dat betekende in het dagelijks leven.
Het was in die periode, zo rond mijn 14e, dat ik op school een boek uit de mediatheek leende dat werd geschreven vanuit het oogpunt van een jongen met autisme. Als ik het me goed herinner las ik het zelfs in het Engels. Toen ik het boek uit had was ik zó onder de indruk van het verhaal dat ik het me altijd herinnerd heb en op mijn persoonlijke ‘must read’-lijstje zette. Niet per sé vanwege het verhaal, maar omdat het zo levensecht geschreven is.
Tijdens een tripje naar De Slegte vond ik een tweedehands Nederlandstalig exemplaar en kocht ik het boek voor €7,50. Om nog een keer te lezen en dan in de boekenkast te bewaren. Zes jaar en enkele jaren ervaring later kijk ik met andere ogen naar dit -nog steeds- bijzondere boek. Want hoewel het een jeugdboek is, zou iedereen tussen de 10 en 100 jaar dit een keer gelezen moeten hebben.
Het wonderbaarlijke voorval met de hond in de nacht is een hele mond vol voor een boek. De 15-jarige Christopher Boone woont bij zijn vader. Zijn moeder is enkele jaren daarvoor overleden, waardoor zijn vader er nu alleen voor staat. Overdag gaat hij naar een school voor kinderen met een verstandelijke beperking, maar ondanks dat is hij zó goed in wiskunde dat hij er een groot examen in mag afleggen. Dat ogenschijnlijk eenvoudige leven wordt door de war geschopt wanneer de hond van de overbuurvrouw op mysterieuze wijze om het leven komt. Christopher hield van deze hond en is vastbesloten uit te vinden wie de hond om het leven heeft gebracht. In zijn zoektocht komt hij achter meer geheimen dan hij eigenlijk gewild had.
Lees verder →